.
.

Het platform voor de Business Controller

.

Interview met Henk Jan Steller over de belangrijkste BTW-wijzigingen


hjsteller 150x150

Mr H.J. (Henk Jan) Steller RB is werkzaam als BTW-docent voor de opleiding BTW voor non-profit instellingen, gemeenten en provincies.

De BTW is een belasting die qua hoeveelheid wijzigingen en rechtspraak naar ik inschat op kop loopt. Meer dan andere belastingsoorten in Nederland wordt de wet- en regelgeving beïnvloed en gevormd door wetgeving en rechtspraak vanuit Europa. BTW-specialisten worden elke week weer geconfronteerd met nieuwe rechtspraak van het Hof van Justitie EU, die invloed kan hebben op een specifieke zaak. In dat verband zijn er permanent wijzigingen en aanvullingen en betreft onderstaande slechts een greep uit een aantal relevante wijzigingen.

Per 1 januari 2015 zijn in de Nederlandse wetgeving diverse zaken aangepast, waarvan onderstaand een aantal relevante aspecten worden weergegeven.

  • Behandeling eeuwigdurende zakelijke rechten
    Zo is de regeling voor de waardering van eeuwigdurende zakelijke rechten aangepast Bij de vestiging/levering van zakelijke rechten op onroerende zaken doet zich een waarderingskwestie voor. Bij dergelijke situaties dient voor de BTW namelijk te worden beoordeeld of dat sprake is van een levering van een goed of levering van een dienst. De kwalificatie hangt af van de hoogte van de vergoeding die wordt betaald. Dat kan zowel ineens als en/of door middel van een periodieke canon. De wetgever heeft bepaald welke rekensystematiek voor de BTW dient te worden gehanteerd bij een periodieke canon. Voor zakelijke rechten met een onbepaalde looptijd (de zogenoemde eeuwigdurende zakelijke rechten) heeft de wetgever met ingang van 2015 (bij wijze van fictie) bepaald, dat wordt aangesloten bij de waarde in het economische verkeer van de zaak waarop het recht betrekking heeft. Daardoor zal bij dergelijke rechten eerder sprake zijn van een kwalificatie als levering en dientengevolge belast met BTW, bij  vestiging op een  nieuw goed of op een bouwterrein. Er geldt overgangsrecht voor overeenkomsten van voor 1 juli 2015 bij uitvoering voor 1 januari 2017.

 

  • Overheid en nieuwe vormen van parkeren
    Overheden, zoals gemeenten, werden al als BTW-ondernemer aangemerkt voor het zogenoemde slagboom parkeren dat stond tegenover de situatie van parkeren op de openbare weg. Omdat in de praktijk blijkt dat er nieuwe tendensen zijn op dit vlak is de regeling aangepast. De overheid wordt met ingang van 2015 nu ook als BTW-ondernemer aangemerkt in situaties, waarbij op een andere wijze dan via een slagboom de betaling wordt gewaarborgd.  Dit doet zich bijvoorbeeld onder meer voor als gebruik wordt gemaakt van een camera-registratie.

 

  • Elektronische diensten aan particulieren in ander EU-land
    Op 1 januari 2015 zijn de regels voor telecommunicatie-, omroep- en elektronische diensten (digitale diensten) gewijzigd bij het leveren van dergelijke diensten aan natuurlijke personen en niet-zakelijke afnemers (de zogenoemde B2C-diensten) gevestigd in een andere EU-lidstaat dan de lidstaat waarin de dienstverrichter is gevestigd. Voorheen gold dat dergelijke B2C-diensten werden behandeld als diensten die zijn verricht waar de dienstverrichter is gevestigd, ongeacht waar binnen de EU de afnemer zich bevindt. Vanaf 1 januari 2015 worden deze diensten belast in de lidstaat waar de afnemer van de dienst is gevestigd of zijn gebruikelijke woonplaats heeft. De verrichters van dergelijke diensten zullen daarom vanaf 1-1-2015 moeten vaststellen waar hun afnemers gevestigd zijn of hun gebruikelijke woonplaats hebben, en zullen in dat land BTW in rekening moeten brengen tegen het daar geldende tarief Om te voorkomen dat ondernemers zich in elke EU-lidstaat waar zij digitale diensten leveren moeten registreren, is vanaf 1 januari 2015 de MOSS (Mini One Stop Shop) -regeling ingevoerd. Wordt geen gebruik gemaakt van deze regeling dan moet de dienstverlener zich in alle lidstaten van de klanten registreren, aangifte doen en BTW betalen.

 

BTW 733x429

 

  • Aanstaande wijzigingen op gebied van sport
    Naast voorgaande reeds ingegane wijzigingen bestaat de verwachting dat dit jaar ook de vrijstelling voor sport(verenigingen) zal worden aangepast. Een arrest van het Hof van Justitie EU uit 2013 (Bridport and West Dorset Golf Club) kan daarbij ook voor onze nationale situatie verstrekkende gevolgen gaan krijgen. Uit dit arrest blijkt dat er bij instellingen zonder winstoogmerk voor wat betreft de vrijstelling geen onderscheid geldt tussen leden en niet-leden en dat ze dus voor de btw over één kam worden geschoren. Het Hof lijkt dermate resoluut in toepassing van de vrijstelling, dat ook een instelling zonder winstoogmerk en zonder leden onder de vrijstelling zal vallen, zoals bij beheer- en exploitatiestichtingen. Naar aanleiding van dit arrest is het ministerie van Financiën zich al geruime tijd aan het beraden over een gewijzigde invulling van de vrijstelling voor sportverenigingen en toepassing van het verlaagde tarief bij sport. De staatssecretaris heeft in antwoord op Kamervragen onder meer aangegeven dat de juridische, financiële, organisatorische, administratieve en uitvoeringsgevolgen van wijzigingen aar aanleiding van de rechtspraak worden onderzocht. De ambtelijke rapportage zou  nog niet zou zijn opgeleverd aan de staatssecretaris van Financiën. Dit zou eigenlijk eind januari 2015 gebeuren, maar die planning zou niet zijn gehaald. Hoe de wijzigingen ook gaan uitpakken, niet-winstbeogende instellingen, zoals sportverenigingen, beheerstichtingen en gemeenten, zullen naar verwachting uiteindelijk met ingrijpende wijzigingen worden geconfronteerd. Wel is de verwachting dat er overgangsrecht komt voor bestaande situaties. In dat verband kan het nog het overwegen waard zijn om vanwege BTW-aspecten eerder in beweging te komen.

 

Wat is er op 1 januari 2020 veranderd?

Voorspellen is niet mijn ding. De grote vraag daarbij is met name of dat het huidige systeem zich verder heeft ontwikkeld, of dat er een systeemwijziging in Nederland en/of Europa zal komen inzake de BTW. Zo gaan her en der wel eens geluiden op om over te gaan naar één uniform BTW-tarief of om een verleggingsregeling in de handelsketen te creëren, waardoor uiteindelijk slechts de ‘consument’ de BTW betaald. Mijn inschatting is dat het systeem niet zal wijzigingen maar dat het bestaande systeem zich verder zal door ontwikkelen. Wel verwacht ik gezien de grote mate van BTW-fraude in Europa dat zich een komende jaren strengere wetgeving en controle zal komen om deze fraude te beteugelen.

Wat gaan de cursisten leren van mijn bijdrage in de opleiding?

Het belangrijkste wat ik cursisten altijd probeer bij te brengen is het systeemdenken in de BTW. Op het moment dat je bij het analyseren van situaties niet het systeem van de BTW hanteert, komen er vaak onjuiste resultaten. Pas je het systeem van de BTW, dat begint bij het bepalen van het ondernemerschap, wel goed toe dan neemt de kans op een juiste analyse en oplossing toe.


Cursus BTW

voorkant btw 60x83Benut uw btw-mogelijkheden en beperk uw risico’s. Deze 2-daagse cursus biedt u kennis en inzicht in het btw-systeem en geeft u concrete aanwijzingen voor het indienen van uw btw-aangifte.
Het 2-daagse programma vindt u op de website van de opleiding BTW voor non-profit instellingen, gemeenten en provincies.

 

 




Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *